Wilt u meer informatie?
Bel 033 - 496 52 00
of mail naar info@bmc.nl
Klik hier voor het contactformulier

BMC werkt aan een veilige en aangename woon-, werk- en leefomgeving. Dat doen we in het stedelijk gebied en daarbuiten. Samen met burgers, gemeenten, bedrijven, woningcorporaties, scholen, zorg-, welzijns- en cultuurinstellingen, agrariërs, water- en natuurbeheerders. Met alle partners werken adviseurs en interim-managers van BMC aan een toekomstbestendig ruimtelijk Nederland.
| Recente publicaties |
||||||||
|
De bestaande werkwijzen voor de financiering en organisatie van ruimtelijke opgaven zijn niet op lange termijn houdbaar. De huidige financiële crisis moet benut worden als window of opportunity om belangrijke stappen te zetten naar nieuwe financiële en organisatorische werkwijzen in de fysieke sector. Het pamflet Ruimte voor regionale regie zet hiervoor een aantal ontwikkellijnen uit. Niet als een panacee voor het financierings- en bekostigingsvraagstuk, maar als bijdrage aan het stap voor stap mogelijk maken van deze vernieuwing. Lees verder. Download hier het pamflet. |
||||||||
|
Esperanto voor de wijken, duurzame wijkverbetering door samenwerking Het gebeurt in de wijk, dat is zeker. De wijk is het netwerk waar alle beleidsprogramma's, stadsafspraken, prestatieafspraken en andere ordeningsprincipes samenkomen. Daar, tussen alle professionals en vrijwilligers die hier actief zijn en het beste voor hebben met de wijken, vinden we de mensen waar het om gaat: de bewoners. In deze publicatie laten we alle betrokken partners in de wijkaanpak aan het woord. Zij praten over hun eigen rol in het proces en de actuele thema's die op hun werkterrein belangrijk zijn. U kunt hier de publicatie downloaden. U kunt deze publicatie gratis bestellen via ons bestelformulier.
|
||||||||
|
Ruimtelijke ontwikkeling in crisistijd Download hier het artikel Bij kleine gemeenten is de kennis over het eigen vastgoed vaak versnipperd over verschillende afdelingen. Het ontbreekt aan kostenbewustzijn. Een vorm van professionalisering is keiharde noodzaak. Leve de wijken! De wijkaanpak wordt in de media sceptisch en cynisch belicht. De adviseurs van BMC raakten geintrigeerd door deze negatief gekleurde publiciteit en werden geinspireerd om op zoek te gaan naar positieve tegengeluiden. In deze publicatie het resultaat! U kunt deze publicatie gratis bestellen via ons bestelformulier
|
||||||||
| De Wabo en het lerend vermogen van de overheid Pieter Jan van Zanten, Eric Janse de Jonge, Cobouw, juni 2009 Omgevingsdiensten zijn de meest voor de hand liggende uitvoeringsvorm van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Grote steden en regio's hebben vaak al milieudiensten; zij kunnen voor meer gemeenten het totale omgevingsrecht uitvoeren. Maar, vragen Eric Janse de Jonge en Pieter-Jan van Zanten zich af, hoe moet het dan met de bestuurlijke verantwoordelijkheid? En met de verdeling van taken en verantwoordelijkheden tussen gemeenten? Naar het artikel |
||||||||
|
Geachte wethouder, durf te sturen op verwachtingen De mogelijkheid om een wethouder te benoemen van buiten de raad, zelfs van buiten de gemeente, vormt een gat in de markt, nu gemeenten steeds meer moeite hebben om competente bestuurders te vinden en te behouden. Het is tijd voor realiteitszin en verwachtingsmanagement. |
||||||||
|
|
De Vogelaar monologen Zes experts aan het woord over de problematiek in de krachtwijken. Zij bestrijken verschillende disciplines, te weten: wetenschap, volkshuisvesting, zorg, openbaar bestuur en sociale zekerheid. U kunt deze publicatie gratis bestellen via ons bestelformulier |
|||||||
Recente opdrachten
Buitengebied in Ontwikkeling
Door de voortdurende krimp in de landbouwsector dient de sociaaleconomische teruggang opgevangen te worden. Daarom is BMC door een gemeente gevraagd om alternatieve economische mogelijkheden in kaart te brengen om de leefbaarheid van het platteland te versterken en stimuleren. De structuurvisie ‘Buitengebied in Ontwikkeling’ (BIO) is vastgesteld waarin bepaalde plekken in het buitengebied (bebouwingsconcentraties) zijn aangewezen voor woningbouw wanneer dit gepaard gaat met ruimtelijke kwaliteitsverbetering. Lees verder..
Opstelling bedrijfsplan regionale uitvoeringsdienst De Vallei
In regio de Vallei wordt één van de zeven RUD’s in Gelderland opgericht. De partners in de Vallei hadden behoefte aan een onderbouwing van het takenpakket van de RUD op kosten, kwetsbaarheid en kwaliteit (de 3 K’s). In een maand is samen met de partners de onderbouwing op de 3 K’s geleverd. De onderzochte takenpakketten waren: 1) alle milieutaken, 2) alle milieutaken plus de bouwtaken voor bedrijven en 3) alle milieu- en bouwtaken, de zogenoemde Wabo-variant. Tevens is er advies uitgebracht over de meest passende organisatievorm voor de RUD, waarbij drie potentiële organisatievormen zijn verkend: 1) centrale organisatievorm, 2) de deconcentratie-organisatievorm en 3) de detacheringsvorm. Op basis van de onderbouwing hebben 5 van de 6 partners gekozen voor de inbreng van de Wabo-taken en is de gekozen voor de deconcentratie-organisatievorm. Een projectleider van BMC ondersteunt de opstelling van het bedrijfsplan en brengt specifieke expertise in. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Pieter Jan van Zanten via 033 - 496 52 00.
Begeleiding proces van beheerorganisatie naar ontwikkelorganisatie
Een woningcorporatie met ruim 15.000 verhuureenheden wil haar maatschappelijk vermogen gaan inzetten en heeft haar ambitieniveau fors opgeschroefd. De organisatie is bezig te transformeren van een klassieke beheerorganisatie naar een innoverende ontwikkelorganisatie. Zo overweegt men veel geld in vastgoed te gaan investeren en zijn er gesprekken gaande over fusie(s) met minder draagkrachtige woningcorporaties. Intensieve samenwerking met een zorgpartij behoort ook tot de overwegingen. Deze hoge ambitie kan alleen worden gerealiseerd door een organisatie met een zeer volwassen financiële functie. Om dit transitieproces te ondersteunen werd gezocht naar een passend adviesbureau met specifieke corporatie ervaring en de benodigde financiële expertise. BMC Interlink begeleidt dit proces. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Richard de Boer via 033 - 496 52 00.
Ruimtelijke visie IJsselmeergebied: cultuurhistorie en toekomst verbonden
BMC is samen met de provincie Noord-Holland gestart met het ontwikkelen van een cultureel-ruimtelijke verkenning voor het Noord-Hollandse IJsselmeergebied. Deze verkenning heeft betrekking op een strook van 2 kilometer land en 2 kilometer water. De centrale vraag is welke kansen en mogelijkheden er liggen om de culturele en ruimtelijke kwaliteit te versterken en te verbinden aan het deltaprogramma. Het resultaat en het proces moeten inspirerend zijn voor gemeenten, verenigingen, bewoners en gebruikers van het gebied. Ook moet het input zijn voor de provinciale bijdrage aan het deltaprogramma. BMC gaat in dit proces uit van de kracht van een creatieve gebiedsontwikkeling in combinatie van culturele en cultuurhistorische waarden. Uitgaande van het DNA van de strook, de maatregelen en effecten van het deltaprogramma ontwerpen wij mogelijke en gewenste ontwikkelingen. Maar deze visie is niet louter fysiek. De visie gaat ook over de mensen die leven in dit gebied of er gebruik van maken. Mensen vertellen hun verhaal en geven betekenis aan hun omgeving. De aanpak is niet alleen innovatief en inspirerend, maar ook effectief en praktijkgericht. BMC werkt hierbij samen met kunstenaars. Eind december 2011 is de visie met twee uitwerkingen van deelgebieden voorzien van beeldmateriaal (foto’s en film) beschikbaar. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Charlotte Nauta via 033 - 496 52 00.
VTH-audit
Twee organisaties in de provincie Groningen zijn vorig jaar samengevoegd. Dit betekende een versterking van het taakveld vergunningen, handhaven en toezicht. Maar de vraag rees of de huidige omvang wel voldoende is om te kunnen voldoen aan de wettelijke regels en aan kwaliteitscriteria die het ministerie heeft ontwikkeld. De organisatie heeft gevraagd aan BMC om een VTH-audit uit te voeren en een advies te geven over de weg naar het kunnen voldoen aan alle wettelijke eisen. De VTH-audit bestond uit dossieronderzoek en twee dagen interviews met medewerkers en management. Er is gerapporteerd aan de hand van de thema’s Beleidsvorming, Rapportage en evaluatie, Werkprocessen, Mensen en middelen en Registratiesystemen/ICT. In één oogopslag kon de organisatie zien waar verbeteringen nodig zijn om de kwaliteit van VTH te kunnen verbeteren. De auditrapportage wordt gebruikt om het gesprek met bestuur en medewerkers te voeren. Over de toekomstige taken die mogelijk kunnen worden ondergebracht bij de Regionale Uitvoerinsgdienst (RUD) en waar samenwerking met andere gemeenten kansen biedt. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Marcel Rademaker via 033 - 496 52 00.
BMC adviseert over de impact van demografische veranderingen
De ruimtelijke visie van een regio is in 2010 vastgesteld door het regiobestuur. De gevolgen van demografische veranderingen zijn een van de nader uit te werken onderwerpen uit deze visie. Hiertoe werkt de regio aan een wenkend perspectief dat ingaat op de nieuwe demografische context. Een perspectief dat recht doet aan de regionale verschillen en een integraal perspectief dat dient als aanjager voor de beleidsontwikkeling in de verschillende kolommen. De doelstelling luidt:
• Er is zicht op de demografische ontwikkelingen in de regio en de consequenties daarvan.
• Er wordt een manifest opgesteld inclusief projecten voor de toekomst die vanuit creatief en interdisciplinair denken, bijdragen aan een regio waar het goed toeven is.
• De demografische dynamiek is opgenomen in de programma’s van de regionale beleidsterreinen.
BMC is gevraagd te ondersteunen in dit proces. Daarvoor organiseert BMC een drietal gebiedstafels en een integratiesessie waarin bestuurder en experts met elkaar in gesprek gaan over de gevolgen van en strategieën voor een ander demografisch perspectief. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Joris Stok via 033 - 496 52 00.
Omgevingsbeleid vergunningen en handhaving
Nederland wordt helaas met enige regelmaat opgeschrikt door ernstige ongelukken zoals onlangs nog in Moerdijk. Vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) van de fysieke leefomgeving moeten daarom gaan voldoen aan bepaalde kwaliteitscriteria. BMC is door een gemeente gevraagd om bij te dragen aan het gewenste kwaliteitsniveau. Om snel en accuraat een beeld te krijgen van het kwaliteitsniveau is de door BMC ontwikkelde VTH-Audit toegepast. Lees verder..
Voorbereiden marktplaats gebiedsgericht voorziening en beleid
Een middelgrote gemeente ziet allerlei trends en ontwikkelingen op zich afkomen met consequenties voor de leefbaarheid. Op basis van de gemeentelijke begroting alleen is het onmogelijk alle wensen op het gebied van voorzieningen en accommodaties te financieren, te beheren en te exploiteren. Er zullen pioriteiten moeten worden gesteld. Vanuit een van de dorpen ligt er een initiatief voor een multifunctionele accommodatie (MFC). BMC heeft een discussie gefaciliteerd en vormgegeven, vanuit een breed perspectief: alle kansen en bedreigingen overziend, opdat een zorgvuldige afweging mogelijk is. Uitgangspunt daarbij is investeren in het dorp, met of zonder MFC. BMC heeft scenario’s opgesteld welke te te verdelen zijn in twee groepen: investeren in het dorp met MFC en investeren in dit dorp zonder MFC. Deze scenario’s zijn besproken met de werkgroep uit het dorp en tijdens een raadsbreeddebat. Op basis hiervan is een principekeuze gemaakt welke de basis vormt voor verdere planvorming, waarvoor BMC nu de projectleiding gaat voeren.
Onderzoek naar de governance het het Deltaprogramma
Het Deltaprogramma is ingesteld om de waterveiligheids- en zoetwateropgaven voor nu en de verre toekomst op te pakken en te coördineren. En te combineren met de ambitie om bij te dragen aan een aantrekkelijk land om in te wonen en te werken. BMC heeft onderzocht of het mogelijk is het Deltaprogramma effectiever en efficiënter (dus eenvoudiger) te organiseren, gelet op de doelstellingen van het programma. BMC heeft daartoe 34 gesprekken gevoerd met provinciale en gemeentebestuurders, dijkgraven, topambtenaren en de uitkomsten van die gesprekken in een reflectiebijeenkomst nader beschouwd met hoogleraren en bestuurders en politici. Op basis van de analyse van BMC is er een achttal aanbevelingen geformuleerd. Een samenvatting van het eindadvies zal worden aangeboden aan de Tweede Kamer, als bijlage van de begroting van het ministerie van Infrastructuur en Milieu 2012.
Passende maatschappelijke voorzieningen
Gemeenten kijken nadrukkelijk naar het gemeentelijk maatschappelijk vastgoed om te bezuinigen. Deze herbergt de voorzieningen waarvan de gemeente vindt dat deze belangrijk zijn voor de lokale samenleving. Voor een grote gemeente heeft BMC een voorzieningenscan ontwikkeld. De scan biedt twee sporen. Het bestaande beleid op maatschappelijk gebied wordt getoetst aan de hand van een actuele toekomstvisie. Het tweede spoor is het in beeld brengen van al het maatschappelijk vastgoed. Op basis van deze database wordt getoetst waar, of en hoe de maatschappelijke functies worden uitgevoerd en besproken in een ronde tafelbijeenkomst, opgesplitst naar de diverse beleidsvelden. Het wordt vertaald in een nota met uitvoeringsmaatregelen. Het samenvoegen en herschikken van maatschappelijke functies en het afstoten van gebouwen levert de gemeente het gevraagde bezuinigingsresultaat.
Quickscan Wabo: aanbevelingen voor een doorontwikkeling
Gemeenten zijn het afgelopen jaar druk bezig geweest met de implementatie van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), die op 1 oktober 2010 van kracht is geworden, in de gemeentelijke organisatie. Met deze wet is de omgevingsvergunning geïntroduceerd, die de plaats inneemt van de vergunningen in het fysieke domein, zoals onder andere de bouw-, gebruiks-, milieu, kap- en reclamevergunning; in totaal gaat het om zo’n 25 vergunningen. Lees verder..
Gemeenten hebben hard gewerkt aan het aanpassen van de werkprocessen en de organisaties om te voldoen aan het integrale karakter van de Wabo. Veel gemeenten worstelen met de implementatie of doorontwikkeling van de Wabo. Aan de hand van de Wabo quickscan word een ‘foto’ van de organisatie gemaakt met als doel te bezien hoe de organisatie is aangepast aan de Wabo en hoe eventueel verbeteringen kunnen worden doorgevoerd voor een snellere vergunningverlening.BMC voert een documentenanalyse uit en voert gesprekken met de betrokkenen in het proces. De aanbevelingen richten zich op organisatie, kennis en competenties, werkprocessen, beleid en verordeningen en de samenwerking met interne en externe partners. De quickscan reikt handvatten aan om die stappen te zetten om de verdere werkzaamheden rondom de Wabo te verbeteren. Momenteel voert BMC als gevolg van de quickscan een opdracht uit in een gemeente in Gelderland om de werkprocessen op te stellen, afspraken vast te leggen met interne en externe partners en de communicatie rondom de Wabo in te richten.
Wilt u meer informatie of eens verder praten over wat BMC voor uw organisatie kan betekenen? Neem dan contact op met Robert Waarsing, via telefoonnummer 033 – 496 52 00.
Floriade 2012: belang van lokale positionering voor regionale ontwikkeling
Van april tot oktober 2012 wordt de Floriade in de Regio Venlo gehouden. De Floriade is de Wereld Tuinbouw Expo die eenmaal per tien jaar in Nederland wordt gehouden. De Floriade wordt gezien als een vliegwiel om de Greenport Regio Venlo te ontwikkelen. Een van de Founding Fathers van de Floriade 2012 is de gemeente Venray. Naast mogelijkheden voor de ontwikkeling van de regio ziet Venray in de komst van de Floriade ook kansen om lokaal spin-off te genereren. BMC is gevraagd om dit in nauwe samenwerking met de medewerkers van de gemeente te organiseren, daarbij een uitermate belangrijke kans neerleggend bij organisaties en ondernemers. Zij zijn het immers die samen met de burgers de Venrayse gemeenschap vormen. Op basis van een plan van aanpak wordt door BMC met de medewerkers van de gemeente en het Venrayse maatschappelijk middenveld gewerkt aan het genereren van initiatieven die gebaseerd zijn op het onderscheidend vermogen van Venray. BMC speelt daarbij de rol van strategisch adviseur in het ontdekken van het onderscheidend vermogen, de vormgever van het proces en de organisator van dynamiek en verbinding tussen partijen.
Wabo-opleidingen voor handhavers
Sinds 1 oktober 2010 is de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) van kracht. Voorafgaand aan deze datum hebben gemeenten en provincies veel energie gestoken in de implementatie van deze nieuwe regelgeving en de opleiding van de vergunningverleners. Op grond van de Wabo dient het toezicht en de handhaving integraal te worden uitgevoerd. Daarom gaan gemeenten en provincies nu over tot het opleiden van de handhavers. Doel van de opleiding is de medewerkers op te leiden in de Wabo en dan met name met betrekking tot de belangrijkste veranderingen die de Wabo met zich meebrengt voor toezicht en bestuursrechtelijke handhaving. In de opleiding staat de praktijk centraal. De trainingen worden verzorgd door adviseurs die zelf ook betrokken zijn (geweest) bij diverse gemeentelijke Wabo-projecten, als adviseur of projectleider. Tijdens de opleiding wordt gewerkt met casuïstiek die door de deelnemers zelf wordt ingebracht. Op deze manier worden de gevolgen van de Wabo(-wetgeving) en de verandering in toezicht en handhaving direct zichtbaar. Na de opleiding beschikken de deelnemers over een algemeen beeld van de wetgeving en wordt duidelijk wat er in het toezicht en de bestuursrechtelijke handhaving verandert. Bovendien vormt de opleiding een goede basis om gezamenlijk verder vorm te geven aan het integrale handhavingsbeleid binnen de gemeente of provincie.
Metropool Amsterdam, woningbouwprogramma 2025
Het functioneren van de woningmarkt in de Metropool Amsterdam (17 gemeenten in de regio Amsterdam) is van essentieel belang voor het op gang houden van de economische motor die Amsterdam is voor Nederland. Door een aantal oorzaken (van structurele en conjuncturele aard) is de ontwikkeling van de woningbouw in zwaar weer terechtgekomen. Stagnatie in de bouw, de recessie, gebrek aan samenwerking en nieuwe regels van de EU en de banken (hypotheekverstrekking) spelen daarbij een zich opeenstapelende rol. We baseren ons op het 'roltrapmodel'. Dat staat voor jonge instromers (woningen voor starters in Amsterdam) en doorstromers (volgende woonstap in de regio). BMC is gevraagd het proces van samenwerking te baseren op een gemeenschappelijke visie, creatieve werksessies en een herijking van het programma voor de komende decennia. In samenwerking met de Stadsregio Amsterdam (SRA) gaan we werkplaatsen voor lokale ambtenaren en ateliers met bestuurders organiseren en zorgen voor een inhoudelijk programma dat doorvertaald kan worden naar lokale projecten. Aan de ene kant werken we aan consensus over de gewenste ontwikkeling (wat, waar en voor wie?) van de totale regio en anderzijds zorgen we voor een kansrijke verdeling van de projecten over de regio, resulterend in lokale programma’s die we aan alle gemeenteraden gaan presenteren (roadshow). Deze ambitieuze doelstelling kan alleen gerealiseerd worden als we zorgen voor een inspirerende aanpak en een brede betrokkenheid van alle geledingen (SRA, gemeenten, politieke ambtsdragers). We hebben een aantal debatten georganiseerd, waardoor er een regionale visie kon worden opgesteld en we zijn op weg om een daarbij passende programmering te ontwerpen. Het uitvoeren van plannen is de achilleshiel in de beleidsontwikkeling in Nederland en zeker bij ruimtelijke projecten. Bestuurlijke continuïteit, draagvlak binnen het lokaal bestuur, samenwerking met andere partijen (markt en corporaties) en het aanjagen van de productie om stagnatie te voorkomen is dan ook een voorwaarde voor een succesvol vervolg van onze aanpak. Daar draagt BMC graag aan bij.
Gebiedsvisie Overschie
Overschie is een ‘dorp in een stad’. Het is een deelgemeente van Rotterdam, met een groot oppervlak, veel groen, een luchthaven en relatief weinig inwoners. Overschie staat voor een grote herstructureringsopgave en er vindt nieuwbouw van Park Zestienhoven plaats. Hiermee wordt door partijen meer balans in het woningaanbod en in de bevolkingsamenstelling beoogd, als onderdeel van de gebiedsvisie van deze deelgemeente. De deelgemeente Overschie ontwikkelt haar gebiedsvisie samen met gebiedspartners en onder begeleiding van BMC. De gebiedsvisie bevat een integrale visie voor de lange termijn, concreet beleid en een programma met uitvoeringsprojecten voor de komende vier jaar. Voor de visie en het handelen gelden twee uitgangspunten. In de eerste plaats gaat Overschie uit van ‘de verleiding van het positieve’, met andere woorden: zorg ervoor dat je iets te bieden hebt! Ten tweede is Overschie gericht op uitvoering en concrete projecten. De typisch Rotterdamse mentaliteit van ‘de handen uit de mouwen steken’ is in Overschie heel zichtbaar. De projecten naar aanleiding van de gebiedsvisie die vier jaar geleden, ook met hulp van BMC, is opgesteld zijn inmiddels vrijwel alle gerealiseerd.
Rotterdam = Business/Regionale Economische Structuurversterking
De Rotterdamse regio heeft een ongekend economisch potentieel. Op verzoek van stadsregio Rotterdam heeft BMC advies uitgebracht over de wijze waarop zij de economische structuur kan versterken. Daartoe is het krachtenveld tussen regio & gemeenten én tussen overheid & bedrijfsleven in beeld gebracht. BMC heeft zeven concrete handelingsarrangementen voorgesteld. Hiermee beschikt stadsregio Rotterdam over praktische tools om haar rol als verlegd lokaal bestuur in te vullen. Dit advies vormde het fundament voor het door de stadsregio opgestelde Economisch Uitvoeringsprogramma (2011). Het versterken van de economische clusters vormt één van de opgaven uit het uitvoeringsprogramma. Bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma bleek de regio behoefte te hebben aan een nadere beschrijving van de economische clusters. Daartoe heeft BMC een korte bureaustudie uitgevoerd naar de ontwikkeling van kansrijke economische clusters. Samen met 'Rotterdam = Business' heeft BMC hiermee een stevige bijdrage geleverd aan de economische agenda van stadsregio Rotterdam.
Aanpak wateroverlast
Een Brabantse gemeente kreeg een paar jaar achter elkaar te maken met grote wateroverlast na hevige buien. De gemeenteraad besloot dat hier wat aan moest gebeuren en de wethouder zegde toe dat de wateroverlast binnen drie jaar tot het verleden zou behoren. Zo ontstond een opdracht van ruim drie jaar, waarin BMC is gevraagd een aanpak te ontwikkelen om de problemen met het water op te lossen. Hoewel de problemen op het eerste gezicht van technische aard leken, richtte de aanpak van BMC zich in vooral op het creëren van de randvoorwaarden en het inrichten van het proces. Er heerste onvrede in de raad, inwoners hadden zich georganiseerd in een actiegroep en tussen het bestuur en de ambtelijke organisatie bestond er nog geen overeenstemming over de aanpak. Daarnaast moesten er nog financiële middelen voor deze operatie worden gevonden. De projectmanager van BMC heeft hiervoor een plan van aanpak gemaakt en is vervolgens gevraagd dit plan van aanpak uit te voeren. Na ruim drie jaar zijn er in vrijwel alle wijken van de gemeente grote werkzaamheden uitgevoerd en is er een budget van ruim 12 miljoen euro uitgegeven aan maatregelen. Hiermee moet de grootschalige wateroverlast in deze gemeente tot het verleden behoren.
Gemeente Westland: deelname aan Omgevingsdienst Haaglanden
De landelijke ontwikkeling waarin de milieutaken worden ondergebracht in regionale uitvoeringsdiensten lijkt in de afgelopen periode steeds meer werkelijkheid te worden. In de regio Haaglanden hebben provincie en gemeenten op eigen iinitiatief al vergaande stappen gezet om vanuit het niets te komen tot een Omgevingsdienst Haaglanden (ODH). Daarmee is de ODH een van de koplopers in het land. In het afgelopen jaar is er een bedrijfsplan opgesteld, waarin de nieuwe dienst in al haar facetten wordt beschreven. Er is veel aandacht besteed aan de financiële aspecten van de Omgevingsdienst en ook aan de achterblijvende kosten in de gemeenten en hoe daarmee kan worden omgegaan. BMC vertegenwoordigt de gemeente Westland in het regionale proces van voorbereiding en zorgt voor de communicatie richting medewerkers en medezeggenschap. Verder brengt BMC voor Westland de organisatorische en financiële gevolgen van de ontvlechting in kaart en draagt ze oplossingen aan om deze effecten in goede banen te leiden. BMC zal de komende tijd de ambtelijke en bestuurlijke besluitvorming ondersteunen en begeleiden.
Gemeente Westland: synergie tussen bezuinigen en organisatieontwikkeling
Westland staat, net als de meeste gemeenten, gesteld voor de taak om in de komende jaren een aanzienlijke budgettaire problematiek op te lossen. Het collegewerkprogramma 2010-2014 gaat uit van een meer regisserende en faciliterende rol van de gemeente en zet in op een kleinere en efficiëntere organisatie. Daar is een substantiële taakstelling ten aanzien van de organisatie aan verbonden. Westland wil deze structurele opgave innovatief en creatief benaderen, niet alleen vanuit strategisch perspectief maar ook in verbinding met al lopende (ontwikkel)processen in de organisatie. Daarmee wil Westland niet alleen kleiner maar ook als organisatie sterker uit de crisis komen. Ook wordt een specifieke invulling gegeven aan het ‘leren in en van het proces’. De gefaseerde aanpak moet leiden tot een veelomvattend, samenhangend en behapbaar uitvoeringsprogramma. Het uitvoeringsprogramma levert de gewenste grip en sturing op, waardoor niet alleen de taakstelling wordt gerealiseerd maar ook de organisatie een groeispurt maakt en aan vitaliteit wint. BMC heeft de beelden en gedachten vertaald in deze unieke Westlandse aanpak en begeleidt het proces tot aan de oplevering van het uitvoeringsprogramma.
Woonservicegebieden Rotterdam-Noord
In Rotterdam-Noord (de wijken Blijdorp en Provenierswijk) worden woonservicegebieden ontwikkeld, zodat ouderen in de wijk langer zelfstandig kunnen blijven wonen. Voor de woonservicegebieden heeft BMC een plan van aanpak voor de deelgemeente opgesteld. Er is een convenant ondertekend, waarin alle partners zich hebben verenigd voor een gezamenlijke aanpak, waarbij de nieuwe uitvoeringspraktijk leidend is voor de taken van de ingestelde stuurgroep. De innovatieteams in de twee wijken zijn het gezicht van het woonservicegebied. In de aanpak staat het verbinden tussen zorg en welzijn en formele dienstverlening met informele vrijwillige activiteiten in de wijk centraal. Het borgen van de nieuwe praktijk naar professionals, aanbieders en gemeenten is strategisch gezien het belangrijkste boogde resultaat.
Financieel model Omgevingsdiensten
Op het terrein van de vergunningverlening en de handhaving VROM-regelgeving moet een kwaliteitsslag worden gemaakt. Landelijk worden daarom regionale uitvoeringdiensten (RUD’s) gevormd. BMC heeft een inventarisatie bij de gemeenten in een provincie gedaan om te kijken hoeveel formatie bezig is met de Wet Milieubeheer en of dit overeenstemt met de workload van de gemeenten (gebaseerd op het aantal inrichtingen). In december 2010 is duidelijk geworden dat het Rijk de gemeenten op dit onderwerp ook een structurele financiële taakstelling oplegt. BMC heeft een besparingsmodel gemaakt om per regio te kunnen bepalen of de incidentele kosten van het oprichten van een omgevingsdienst kunnen worden terugverdiend en ook of de structurele financiële taakstelling kan worden terugverdiend. Dit is erg belangrijke informatie voor de bestuurlijke besluitvorming over de schaal van de omgevingsdiensten. Zo wordt deze samenwerkingsvorm van intentie omgezet in heldere beelden.
Werk aan het spoor
Met het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu wordt gewerkt aan het spoor van de toekomst, zodat er in 2020 voldoende ruimte op het spoor is om te komen tot hoogfrequent spoorvervoer op de drukste trajecten in de brede Randstad en het verwerken van het groeiende goederenvervoer. Een adviseur van BMC is als programmasecretaris betrokken bij PHS. Lees hier meer >>
Leegstand kantorenlocatie vraagt om ambitie en samenwerking
Op de locatie Oosterenk, niet ouder dan twintig jaar, staat circa 40% van de kantoren leeg. Dit komt niet alleen door algemene ontwikkelingen in de kantorenmarkt, maar ook door concurrerende locaties en het feit dat bestaande kantoren steeds sneller niet meer passen bij de huidige vraag. De gemeente erkent haar eigen verantwoordelijkheid voor dit probleem, maar is ook van mening dat de eigenaren zelf verantwoordelijk zijn voor een oplossing. Een belangrijke gebruiker van de locatie zijn de zorgklinieken: deze zijn juist bezig met een ambitieuze nieuwbouw. Een cluster van zorggerelateerde activiteiten kan daarmee mogelijk een nieuwe economische drager voor het gebied vormen; daarmee kan tevens een impuls aan een passend en concurrerend zorgaanbod voor de regio worden gerealiseerd. BMC heeft in een periode van drie maanden een tweetal werkconferenties voorbereid en gefaciliteerd. Tijdens deze conferenties is door vele partijen (zorgverzekeraar, ziekenhuis, eigenaren, gebruikers, gemeente) gebrainstormd over een eerste visie voor het gebied en een planvormingstrategie. Een belangrijk eerste resultaat is dat een aantal partijen met elkaar een haalbaarheidsstudie gaan doen naar de kansen die 'zorgeconomie' biedt voor de gemeente en de regio. De eigenaren van de kantoren en gemeente zijn in gesprek, met als inzet dat zij gezamenlijk een gebiedsvisie, -strategie en -agenda gaan opstellen. Uiteindelijk is het de ambitie dat deze beide sporen elkaar versterken, waarmee op locatie Oosterenk een levendig cluster van voorzieningen ontstaat.
Friese Merenproject: Midtermreview 2000-2010 en Uitvoeringsprogramma 2011-2015
Fryslân is met haar uitgestrekte merengebied, de vele kanalen en vaarten en haar ligging aan IJsselmeer en Wad een omvangrijk watersportgebied binnen West-Europa. Samen met het prachtige Friese landschap en de vele karakteristieke dorpen en (elf) steden vormt dit een unieke combinatie, waar veel toeristen op af komen. Recreatie en toerisme zijn belangrijke economische pijlers geworden voor deze provincie. Eind jaren '90 stond de marktpositie van de Friese Meren onder druk. Dit leidde tot de start van Het Friese Merenproject, vanuit de gedachte dat economische structuurversterking gebaat is bij een meerjarige en consistente aanpak. Na tien jaar is het moment daar om de resultaten over deze periode te evalueren en de koers voor de komende vijf jaar te bepalen. BMC heeft dit project inhoudelijk begeleid en geschreven, in nauwe samenwerking met het Projectbureau Friese Meren. Via een interactieve aanpak met plenaire bijeenkomsten met bestuurders, ambtenaren, ondernemers en brancheorganisaties is waardevolle kennis en ervaring uit het werkveld benut. De koers die Fryslân voor de komende jaren moet varen is bepaald, met als motto: versoberen, investeren, verzilveren en borgen.
Ontwerpopgave Bos en Lommerplantsoen, Gemeente Amsterdam – Stadsdeel West, 2010
Sinds februari 2010 heeft een hechte groep van bewoners, bedrijven, medewerkers van Stadsdeel West, bestuurders en andere betrokkenen gewerkt aan de herinrichting van het Bos en Lommerplantsoen. Op initiatief van Stadsdeel West werd de ontwerpopgave als meespraaktraject samen met de buurt ontwikkeld. Het plantsoen moet een bijzondere ontmoetingsplek worden voor de hele wijk en is een van de laatst te realiseren onderdelen van het Bos en Lommerproject. Landschapsarchitect Niek Roozen werd uitgenodigd een ontwerp te maken dat draagvlak heeft, de wensen van de buurt vertolkt, aansluit bij de omgeving en tegelijkertijd een eigentijdse kwaliteit heeft. Na een intensief en inspirerend proces is het definitief ontwerp in december 2010 met instemming van de buurt afgerond. Momenteel wordt een gezamenlijk (mede)beheersplan opgesteld en zal de uitvoering ter hand worden genomen. Het meespraaktraject is geleid door BMC die voor de participatie bij ruimtelijke ontwerpopgaven met een eigen instrument werkt: de AWARE-methode. Deze interactieve ontwikkelingsmethode gaat verder dan het verkrijgen van draagvlak zoals dat gebeurt bij inspraak, reguliere participatieprojecten of community-planning. De methode maakt het mogelijk van meet af aan toe te werken naar uitvoering en realisatie, met inbegrip van de financiering en het beheer. Op deze wijze is snel en effectief resultaat te boeken.
Interim-management Gebiedsontwikkeling
Een middelgrote gemeente in Brabant heeft de versterking van de binnenstad op de agenda gezet. BMC heeft het procesmanagement van de binnenstadsvisie 2011-2020 verricht. Belangrijke onderwerpen zijn: versterking van het winkelaanbod, de gemeente als studentenstad en de kenniseconomie profileren in de binnenstad, de huidige binnenstad verbinden met de ontwikkellocatie Spoorzone en het verscherpen van de ambities van de Spoorzone. BMC heeft tevens het Uitvoeringsprogramma 2011-2015 opgesteld, met de prioritaire uitvoeringsprojecten voor deze collegeperiode. Daaraan ten grondslag hebben discussiebijeenkomsten gelegen met externe partijen, vertegenwoordigers uit de binnenstad en raadsleden. De binnenstadsvisie en het uitvoeringsprogramma zijn in december 2010 vastgesteld door het college en in februari 2011 vastgesteld door de raad. BMC heeft tevens de aansturing Gebiedsteam Binnenstad, bestaande uit gebiedsmanagers, gebiedscoördinatoren en projectleiders, voor haar rekening genomen.
Toekomstvisie gebiedsontwikkeling TT Assen en omgeving
In opdracht van de provincie Drenthe heeft BMC de 'Toekomstvisie TT Assen en omgeving, een belevingsplan voor een uitgebalanceerde gebiedsontwikkeling' opgesteld. De provincie wilde graag samen met de gemeente Assen het voortouw nemen en een creatieve, interactieve aanpak met alle partijen in het gebied entameren. Enerzijds ambitieus in de integrale kwalitatieve benadering, anderzijds pragmatisch vanuit de gedachte dat goed buurmanschap belangrijker is dan juridisch getouwtrek. Het resultaat is een duidelijke filosofie, die beperking van de geluidshinder combineert met alle elementen van integrale gebiedsontwikkeling. Er ligt er een gedragen visie, met een duurzaam karakter. Daarnaast is er een convenant opgesteld, met daarin de eerste jaarschijf van een meerjarig onderzoeks- en uitvoeringsprogramma. Aan de hand hiervan gaan de visiepartners de komende jaren aan de slag.
Prettig wonen in de gemeente Goirle
BMC heeft onder 640 huishoudens van de gemeente Goirle een enquête gehouden naar de woonbehoeften. Dit onderzoek heeft tot doel de woonvisie van de gemeente te actualiseren en zo het nieuwbouwprogramma op te stellen. Uit het onderzoek blijkt dat de inwoners van Goirle over het algemeen tevreden zijn over hun woonsituatie. Er is waardering voor de woning en de woonomgeving, de intentie om te verhuizen is laag en er is een grote binding met de gemeente. Daarnaast is er aandacht voor jongeren die uit Goirle zijn verhuisd en weer terug willen keren. Er wordt onderzoek gedaan naar de redenen van mogelijke terugkeer en de woonbehoeften. BMC organiseert een bijeenkomst om deze jongeren en het gemeentebestuur met elkaar in contact te brengen.
Handreiking voor overdracht van woonwagens en standplaatsen
In 1999 hebben de VNG en Aedes de brochure 'Overd(r)acht overdacht' uitgebracht. Deze publicatie diende als handreiking voor gemeenten en corporaties om het eigendom van standplaatsen en huurwoonwagens over te dragen van de gemeenten aan de corporaties. In dat jaar was de Woonwagenwet ingetrokken die er van uitging dat gemeenten eigenaar waren van de woonwagencentra. De VROM-Inspectie besloot om de handreiking te actualiseren en om de praktijkervaring die met de eigendomsoverdracht is opgedaan te verwerken in een nieuwe handreiking. BMC heeft voor die update de aanwezige kennis en ervaring verzameld en het concept van de handreiking is met een groot aantal vertegenwoordigers van gemeenten en corporaties besproken. De nieuwe handreiking beschrijft het proces van eigendomsoverdracht en bevat nuttige voorbeelden, die gemeenten en corporaties kunnen gebruiken. VNG en Aedes hebben meegewerkt aan de totstandkoming van deze update. De handreiking wordt uitsluitend in digitale vorm uitgegeven en is te downloaden vanaf de site van de VROM-Inspectie: www.vrominspectie.nl.
Kennisuitwisseling G5 (stedelijke programmering)
Almere heeft de afgelopen twee jaar belangrijke stappen gezet om grip te krijgen op het totaal van haar projectenportefeuille. Het huidige marcoeconomische klimaat maakt het belangrijker dan ooit dat steden grip hebben en houden op de verschillende projecten. De verschillende grote steden kunnen mogelijk veel van elkaar leren. De gemeente Almere heeft daarom het initiatief genomen tot kennisuitwisseling over dit onderwerp tussen de G5. Dit moet inzicht geven in de aanpak van de programmatische en financiële regiefunctie in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Almere. BMC is gevraagd deze kennisuitwisseling te faciliteren. BMC was eerder nauw betrokken bij het versterking van de stedelijke programmering in Almere.
Kwartiermaker DelTri-Platform
De regio’s West-Brabant, de Drechtsteden en Rotterdam hebben elk afzonderlijk te maken met een aanzienlijke druk op de ruimte, infrastructuur en leefbaarheid. De verwachte toename van de wereldhandel in de komende decennia leidt tot een forse toename van internationale goederenstromen naar en door het gebied. De hieraan gerelateerde ruimtedruk is aan het verschuiven. Er is sprake van een westwaartse beweging naar de Tweede Maasvlakte (chemie/containers) en een zuidoostelijke beweging (hoogwaardige logistiek) richting Moerdijk. Het Haven Industrieel Complex van de toekomst zal zich bevinden in de corridor van Maasvlakte tot en met Moerdijk/West-Brabant. Dit gebied heeft een belangrijke scharnierfunctie tussen de gehele Randstad, Brabant-Stad en de Zuidwestelijke Delta. Door de ruimtelijk-economische opgaven met elkaar te verbinden kan de internationale concurrentiepositie worden verbeterd. Het gebied heeft dan de potentie om uit te groeien tot belangrijke schakel in het netwerk van Europese en internationale megaregio’s. De uitdaging ligt er vooral in om op een adequate manier om te gaan met deze ruimtedruk en tot keuzes te komen inzake de economische structuur van het gebied. Dit was aanleiding voor de regio’s Rotterdam, Drechsteden en West-Brabant om intensiever te gaan samenwerken, resulterend in het DelTri-Platform. Dit bestuurlijke platform staat voor ‘Rijnmond en de Zuidwestelijke Delta’ , bestaande uit drie regio’s (Stadsregio Rotterdam, West-Brabant en de Drechtsteden), met drie urgente opgaven (economisch cluster, duurzame bereikbaarheid en kwaliteit leefomgeving) en tripartiete samenwerking (overheid, marktpartijen en maatschappelijke organisaties). Door een scherpe inhoudelijke focus wordt het mogelijk om tot een goed afgebakende en uitvoerbare strategische agenda te komen. BMC levert de kwartiermaker voor het DelTri-Platform.
Van regionaal naar lokaal
Een gemeente in Noord-Holland heeft in regionaal verband met de regiogemeenten kaders opgesteld waarbinnen de Wabo op lokaal niveau moet worden geimplementeerd. Doel van de opdracht is om deze regionale kaders te vertalen naar de lokale kaders binnen deze gemeente. Dit houdt met name in dat de legesverordening, mandaatbesluiten, erfgoedverordening en werkafspraken moeten worden aangepast. Dit alles gaat in nauw overleg met de medewerkers van de afdelingen die hier direct mee te maken hebben. Deze afdelingen zijn dan ook de dragers van de input voor deze aanpassingen. Als projectleider Wabo is het zaak om de medewerkers nauw betrokken te houden bij deze ontwikkelingen en hen waar nodig te inspireren, aan te sporen en te faciliteren. Inhoudelijk gezien is eventuele uitwisseling met de regionale gemeenten van groot belang, om zo tot gelijke producten te kunnen komen; echter, de cultuurverschillen zullen altijd blijven en lokaal zal er op eigen wijze met de producten worden worden. BMC levert ook hier weer maatwerk!
Interim-clustercoordinator Ruimtelijk Beheer
BMC heeft voor de tweede maal eenzelfde functie tijdelijk vervuld bij een gemeente in West-Brabant, namelijk die van interim-clustercoordinator ruimtelijk beheer. Deze coordinator stuurt een team van circa 18 vergunningverleners en handhavers aan dat zich onder andere niet alleen sterk moet gaan focussen op de Wabo en de handhaving, maar ook op vakbekwaamheid en professionele dienstverlening. De clustercoördinator mag daar – naast zijn gebruikelijke PIOFA-taken – sturing en coördinatie aan geven. Ook zaken als taakvolwassenheid, proactiviteit en werkplezier/enthousiasme hebben zijn aandacht. Daarnaast vervult hij een belangrijke rol ten aanzien van de afstemming met het cluster Ruimtelijk Beleid en het optimaliseren van de samenwerking tussen front- en backoffice.
Projectplan woononderzoeken
Een grote gemeente heeft in haar woonvisie en in de prestatieafspraken opgenomen dat ze een aantal onderzoeken gaat uitvoeren op het gebied van wonen. Omdat die onderzoeken deels met elkaar samenhangen en niet allemaal meer nodig lijken te zijn, vanwege informatie die nadien is verschenen, heeft BMC in opdracht van die gemeente een projectplan opgesteld met daarin een voorstel voor een efficiënte uitvoering van die onderzoeken. Uitgangspunt daarbij is kostenbesparing: onderzoeken die niet (meer) nodig zijn worden niet uitgevoerd en bij de onderzoeken die wél nodig zijn wordt gekozen voor een kwalitatieve benadering (gesprekken) in plaats van voor een kwantitatieve benadering (enquête).
Evaluatie huishoudelijk afval
BMC heeft voor Amsterdam-Noord een evaluatie uitgevoerd naar het bestaande beleid van inzameling van grofvuil. De aanpak was het vaststellen van hoeveelheden en tarieven, het monitoren van het verloop en het maken van een prognose van gevolgen van alternatieven. Aanleiding was een gewijzigde systematiek van inzameling van het grofvuil. Waar inzameling voorheen op afroep plaatsvond, wordt nu wekelijks ingezameld. Effect: een enorme stijging van het aanbod. BMC heeft een rapport opgesteld met advies over frequentie van inzameling, met daarbij de financiële gevolgen en de gevolgen voor het tarief afvalstoffenheffing. Dit rapport wordt door het nieuwe DB meegenomen en door de gemeenteraad vastgesteld.
Implementatie van de Wabo
Na een quickscan naar de stand van zaken inzake de implementatie van de Wabo door BMC rond de afgelopen jaarwisseling heeft BMC begin dit jaar bij een gemeente een projectorganisatie ingericht en een plan van aanpak opgesteld. Eén van de uitgangspunten is gebruik te maken van de reeds aanwezige kaders, waaronder een reeds in 2008 opgesteld visiedocument omgevingsvergunning. BMC heeft een aanpassing op deze visie geschreven. De aangepaste visie laat de ambitie van de gemeente zien, in het bijzonder ten aanzien van het niveau van dienstverlening. In deze review wordt prioriteit gegeven aan die voorbereidende werkzaamheden die het de gemeente mogelijk maken om vanaf de datum van inwerkingtreding de Wabo op adequaat niveau uit te voeren. Als stip aan de horizon is gezet: de volledige werking van een Klantcontactcentrum (KCC) in 2015. Behalve aan de hoofdbestanddelen van de implementatie, zoals het totstandbrengen van een actueel toetsingskader, een model voor de uitvoering van de Wabo, communicatie gedurende de implementatie en de uitvoering van de Wabo, opleiding en competenties, bedrijfsvoering (werkprocessen en overige administratieve voorzieningen) en ICT, wordt in het traject intensief aandacht besteed aan cultuurverandering: verandering van denken en doen, van houding en gedrag. Deze veranderingen zijn noodzakelijk om aan de doelen van de Wabo te beantwoorden: klantgericht en professioneel werken aan een integraal product. Er is immers nog maar één vergunning: de omgevingsvergunning!
Haalbaarheidsonderzoek (collectief) particulier opdrachtgeverschap in een herstructureringswijk
BMC is gevraagd een onderzoek uit te voeren naar de haalbaarheid van de toepassing van (collectief) particulier opdrachtgeverschap in een herstructureringswijk in een gemeente in Noord-Holland. (Collectief) particulier opdrachtgeverschap wordt gezien als effectieve strategie om juist in een lastige markt de woningbouwproductie op peil te houden. De toepassing hiervan in herstructureringsgebieden heeft als bijkomend voordeel dat deze vorm van woningbouw over het algemeen leidt tot bijzondere projecten met aandacht voor architectuur, huisvesting van bijzondere doelgroepen en een grote mate van betrokkenheid bij de buurt waarin het project wordt gerealiseerd. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van de provincie, met instemming van de gemeente. Voor het onderzoek zijn diverse stakeholders geïnterviewd, is een verkennend marktonderzoek gedaan en heeft een locatiescan plaatsgevonden. Dit alles heeft geresulteerd in een groot draagvlak voor de toepassing van (collectief) particulier opdrachtgeverschap bij alle stakeholders, een concrete locatie voor een pilot en een eerste inzicht in de lokale vraag naar dit type woningbouwontwikkeling. Voor het vervolgtraject is BMC gevraagd als kwartiermaker op te treden.
Assistent-projectmanager kazerneterreinen
Een van de grote vier steden in de provincie Gelderland staat voor de uitdaging om in het komende decennium drie kazerneterreinen te transformeren tot een natuurlijke, logische en kwalitatieve uitbreiding van de stad en doorgang naar de Veluwe. Het project Kazerneterreinen (106 ha) is onderdeel van een grootschalige gebiedsontwikkeling, met onder meer de realisatie van een hoogwaardig OV-knooppunt en de aanleg van een stadsontsluitingsweg. In de aanloop naar de gebiedsontwikkeling worden de terreinen en gebouwen tijdelijk beheerd. BMC is gevraagd een assistent-projectmanager te leveren ter ondersteuning van de planontwikkeling, overdracht van de gronden en het opzetten van een externe beheerorganisatie voor het tijdelijk beheer.
Evaluatie OV-bediening op bedrijventerreinen
In opdracht van een provincie evalueert BMC de effecten van OV-bediening op een aantal bedrijventerreinen. Als concessiebeheerder heeft de provincie behoefte aan inzicht in de kosten en baten van een busbediening op bedrijventerreinen. De financiering van de kosten van een dergelijke busbediening vraagt om maatwerk. Ondernemers moeten betrokken worden bij een dergelijk project, maar wat wordt er precies van ze gevraagd? Hoe is de communicatie en de organisatie vormgegeven? Binnen en buiten de provincie wordt een aantal projecten vergeleken op diverse criteria, zoals de rol van ondernemers, lokale overheden en natuurlijk de vervoerder. Sluiten dergelijke bedieningen wel aan bij de mobiliteitsbehoefte en hoe duurzaam is de financiering eigenlijk georganiseerd? De opdracht wordt afgesloten met een aantal pakkende conclusies en praktische aanbevelingen over do’s en dont’s op organisatieniveau.
Mobiliteitsmanagement Rivierenland
Voor een regionale overheid en een aantal Rijksagentschappen verkent BMC de mogelijkheden van een regionale aanpak van mobiliteitsmanagement. In verschillende stedelijke regio’s wordt projectmatig ingezet op mobiliteitsmanagement. De kans van slagen van dergelijke projecten wordt sterk vergroot wanneer mobiliteitsmaatregelen gebaseerd zijn op een stevige diagnose van bereikbaarheidsproblemen die ondernemers en betrokken overheden bezighouden. Het plan van aanpak houdt een aantal verkennende gesprekken in met toonaangevende ondernemingen in diverse bedrijfscategorieen, en daarnaast een degelijke inventarisatie van mobiliteitsprojecten waarin publiek en privaat elkaar nodig hebben. Bestuurlijk draagvlak creeren is een randvoorwaarde. BMC beschouwt de aanpak van mobiliteitsmanagement als een organisatievraagstuk. Daarom wordt het project uiteindelijk opgeleverd met een helder onderbouwd organisatieadvies.
Onderzoek prestatieafspraken over wonen in een provincie
BMC heeft in een provincie alle prestatieovereenkomsten beoordeeld die tussen de gemeenten en de woningcorporaties zijn gemaakt. Onderzocht is over welke thema’s afspraken worden gemaakt, de 'hardheid' van de afspraken en de aspecten van het proces, zoals welke partij bij het maken van zo’n document de functie van trekker vervult. De uitkomsten van het onderzoek zijn vergeleken met een landelijk benchmark. Doel van het onderzoek was om gemeenten en corporaties van elkaar te laten leren. Opvallend is dat in deze provincie veel meer gemeenten prestatieafspraken hebben gemaakt dan landelijk en dat de gemeenten en corporaties over het algemeen een goede relatie hebben en vertrouwen in elkaar. Daarom zijn de gemaakte afspraken niet 'hard' maar SMART geformuleerd. De uitkomsten van het onderzoek zijn eind januari 2010 tijdens een goed bezocht congres gepresenteerd en bediscussieerd.
Prestatieafspraken over wonen
BMC heeft een middelgrote gemeente in Overijssel en de twee lokaal werkzame woningcorporaties ondersteund bij het maken van een prestatieovereenkomst. De overeenkomst is in november 2009 ondertekend door de drie partijen. In de overeenkomst is de relatie tussen de partijen beschreven. Op basis van de grootste opgaven voor de lokale woningmarkt zijn er 33 concrete afspraken gemaakt over de hoofdthema’s duurzaamheid, doelgroepen en woningbouw. De overeenkomst geldt tot 1 januari 2013.
Krimp en vergrijzing als onderdeel van een brede demografische transitie: langeretermijnagenda in Europa
Een Drentse gedeputeerde is benoemd tot rapporteur 'vergrijzing van het Comité van de regio’s'. De rol van rapporteur houdt in dat deze het Comité adviseert over de gevolgen van vergrijzing als onderdeel van een brede demografische transitie in de Europese Unie. Als rapporteur van het Comité geeft de gedeputeerde richting aan dit advies. BMC schrijft en begeleidt het proces om te komen tot een discussie- en adviesnota van het Comité van de regio’s. Dit advies moet meerjarig agendazettend zijn voor alle 178 Europese regio’s. Het doel is dat het Comité van de regio’s een drietal (inter- of transregionale) pilots start om kennis en ervaring te bundelen en productief te maken op de thema’s:
• Healthy Ageing,
• participatie (arbeid en samenleving),
• toegankelijkheid van diensten en voorzieningen (op het platte land, in dorpen en steden).
In november vorig jaar is de eerste discussie over de adviesnota, in mei 2010 vindt besluitvorming plaats in de EU-Raad. Daarna starten de drie (transregionale) pilots in Europa.
Prestatieafspraken 'op geheel eigen wijze'
Een gemeente in de provincie Gelderland heeft haar prestatieafspraken op geheel eigen wijze vormgegeven. BMC heeft voor deze gemeente een 'Lokale Woonopgave', een verkorte Woonvisie, geschreven, waarin de ambities op het brede gebied van wonen zijn verwoord. Hierin staat ook aangegeven dat de gemeente samen met een aantal belangrijke partners deze ambities vorm en inhoud wil gaan geven. Een van de belangrijkste partners vormen de lokale corporaties. Na vaststelling van De Lokale Woonopgave heeft de gemeente de corporatie(s) als maatschappelijke ondernemer gevraagd om een bod te doen op de Lokale Woonopgave. Onder een bod verstaat de gemeente een integrale reactie, waarbij de corporatie aangeeft op welke onderdelen, op welke wijze en op welk moment zij een concrete bijdrage kan en wil leveren en wat de corporatie daarbij – faciliterend, aanvullend, voorwaardenscheppend – van andere betrokken partijen verwacht. Dit kan een andere corporatie en/of aanbieder(s) van zorg en welzijnsdiensten zijn die een belangrijke meerwaarde op kan leveren voor het bod van de corporatie en daarmee voor de lokale samenleving. Op basis van dit bod heeft de gemeente vervolgens samen met de corporatie concrete afspraken gemaakt en deze helder en duidelijk vastgelegd in een prestatiecontract, waarmee de partijen zich gezamenlijk committeren aan het realiseren van de afspraken voor de komende 4 á 5 jaar: een innovatieve werkwijze die heeft geleid tot een waardevol prestatiecontract tussen gemeente en corporatie, waarbij BMC het proces heeft begeleid vanuit een inhoudelijke achtergrond.
Gemeentelijk besluitvormingsproces horeca- en winkelactiviteit
In een Groene Hart-gemeente is een biologishe boerderij waar, naast kleinschalige veehouderij, de afgelopen jaren vooral structurele bedrijfsuitoefening met horeca- en detailhandelsactiviteiten plaatsvindt, grotendeels in strijd met diverse regelgeving. Regulering is gewenst. De kwestie speelt nu al jaren en leidt tot veel commotie in de gemeente. De gemeenteraad wil na jaren 'touwtrekken' nu legaliseren wat kan en handhaven wat moet. Het college heeft van de raad de opdracht gekregen om de besluitvorming voor te bereiden en hiertoe opties te geven en een standpunt in te nemen. BMC is gevraagd om het college en de raad te adviseren over de mogelijkheden en onmogelijkhden en bij te staan bij de voorbereiding van de besluitvorming door de raad, onder andere door het advies toe te lichten tijdens de voorbereidende raadsvergaderingen en het presidiumoverleg.
Regionale woonvisie
Een viertal gemeenten en twee corporaties wilden samen een regionale woonvisie maken. Zij hadden hiertoe een aanzet gegeven die verder uitgewerkt diende te worden. In plaats van een lang traject hebben zij gekozen voor de snelkookpanmethode. BMC begeleidde de organisaties slechts twee dagen, waarin gemeenten en corporaties, vertegenwoordigd door wethouders/bestuurders en deskundige medewerkers, werkten aan de regionale woonvisie. In die twee dagen hebben zij gezamenlijk de thema's, opgaven en ambities bepaald. De verschillende partijen hadden een actieve rol, waarbij zij als collectief de belangen op tafel moesten krijgen. Daarnaast zijn ook gezamenlijke afspraken vastgelegd. Het resultaat heeft BMC vastgelegd in een rapport Regionale Woonvisie 2009-1015. De visie dient als basis voor prestatieafspraken op regionaal niveau. Tevens dient deze woonvisie als kader voor de lokale spelers om hun lokale woonvisie te formuleren.
Evaluatie RvC's
Maatschappelijke ondernemingen in onderwijs, zorg, cultuur en volkshuisvesting hebben raden van toezicht of raden van commissarissen ten behoeve van het intern toezicht. Intern toezicht moet professioneel zijn om extern toezicht op afstand te houden. Dat vraagt zeer veel van de toezichthouders, die zich aan codes moeten houden en zich in houding en gedrag een daadwerkelijk adviseur, werkgever en toezichthouder van de bestuurder moeten tonen. Tijdens de jaarlijkse evaluatie van het functioneren van de raad dienen veel onderwerpen de revue te passeren. BMC treedt op als externe procesbegeleider, agendeert en bereidt de bijeenkomst voor. Uiteraard worden aanbevelingen geformuleerd waarmee de raad verder kan.
Nota grondbeleid
BMC krijgt regelmatig het verzoek van gemeenten om Nota's grondbeleid op te stellen of om het proces om te komen tot een dergelijk nota te begeleiden. Nieuw daarbij is de invloed van de Wet ruimtelijke ordening (Wro), met als belangrijk onderdeel de grondexploitatiewet die op 1 juli 2008 van kracht is geworden. De Wro maakt dat ruimtelijk beleid en grondbeleid nog meer dan in het verleden op elkaar betrokken zijn.
Voor een Utrechtse gemeente heeft BMC, gebruikmakend van de nieuwe wet, de Nota grondbeleid opgesteld. Zowel het proces ernaartoe als de nota zelf waren vernieuwend. Vernieuwend in het proces was dat het opstellen van de nota vanaf het eerste moment begeleid werd door een projectgroep die uit ambtenaren van zowel de afdelingen Ruimtelijke Ordening als Vastgoed/Grondzaken als Concernfinanciën bestond, terwijl het in het verleden nog gebruikelijk was dat zo'n nota door Grondzaken werd opgesteld en achteraf voor commentaar werd voorgelegd. De verwevenheid van Grondzaken en Ruimtelijke Ordening, die de wet stimuleert, zat hier meteen in het proces ingebakken. Het gevolg hiervan was dat de discussies zich meer op strategisch niveau afspeelden en nadrukkelijker gingen over de wijze waarop grondbeleid ruimtelijk beleid kan ondersteunen. Dit was direct van invoed op de uiteindelijke nota, die nu ook veel meer een strategisch en gebiedsgericht karakter heeft gekregen. In plaats van een droge opsomming van in te zetten instrumenten heeft deze gemeente nu met behulp van BMC een Nota grondbeleid die elan uitstraalt en strategisch van karakter is en waar duidelijk uit spreekt wat men met het grondbeleid wil.
Windenergie
Het kabinet heeft zich ten doel gesteld om in 2011 de hoeveelheid windenergie in Nederland verdubbeld te hebben. In het project Landelijke Uitwerking Windenergie wordt gewerkt aan deze doelstelling. Daarbij wordt zowel gekeken naar aanpassing van regelgeving (Amvb Ruimte en de Crisis- en herstelwet), als naar stimulering en visievorming voor de lange termijn. BMC levert de secretaris voor dit project bij het Ministerie van VROM.
BMC ondersteunt samenwerkende gemeenten bij oprichting Omgevingsdienst
Een Milieudienst in het midden van het land en de daarbinnen liggende centrumgemeente hebben de afgelopen tijd gesprekken gevoerd over het onderbrengen van alle uitvoerende taken ten aanzien van de regelgeving op het gebied van de leefomgeving in één uitvoerende dienst. De aanstaande aanpassing van de regelgeving, en dan vooral de komst van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en de hiermee verbonden verwachte oprichting van 25 omgevingsdiensten, vormt hiervoor de belangrijkste aanleiding.
Voor deze beweging is er ook bestuurlijk commitment voor het starten van formeel overleg dat moet leiden tot de oprichting van een omgevingsdienst, door samenvoeging van de afdeling BWT van de centrumgemeente met de Milieudienst. Door deze stap wordt een fundament gelegd voor een omgevingsdienst die in de komende jaren kan worden verbreed. Beide besturen hebben hun organisatie opdracht gegeven een businesscase uit te werken die als basis dient voor definitieve besluitvorming voor de gemeente en de Milieudienst.
Deze businesscase moet het volgende opleveren:
Uiterlijk eind november moet de eindrapportage klaar zijn voor bestuurlijke besluitvorming.
BMC zal dit project procesmatig en inhoudelijk begeleiden en uitvoeren.
BMC is een organisatie die bij uitstek geschikt is om een businesscase als deze uit te werken. Onze organisatie beschikt over diepgaande en innovatieve kennis zowel op het gebied van financiën, bedrijfsvoering en organisatie als op de inhoud van de regelgeving op het gebied van de leefomgeving. Wij leveren niet alleen experts die kunnen onderhandelen op bestuurlijk niveau, maar ook vakmensen die excelleren in zowel financiën en bedrijfsvoering als in het primaire proces rondom de toepassing van regels in de leefomgeving.
Krimp als kans – bidbook stadsdeel Hoensbroek
Vol enthousiasme heeft minister Van der Laan op 15 mei het bidbook stadsdeel Hoensbroek in ontvangst genomen van BMC en de gemeente Heerlen. Het bidbook, verzorgd door BMC, biedt helderheid over de ontwikkelingen en kansen voor Hoensbroek, ten gevolge van de krimp in Zuid-Limburg. Vanwege een veelheid aan fysieke, sociale en economische problemen is de problematiek in Hoensbroek hardnekkig. Alleen een langdurige, samenhangende inzet van preventieve, curatieve en repressieve maatregelen kan het verschil gaan maken. In het bidbook worden concrete projecten benoemd die op korte termijn kunnen starten, wordt beschreven hoeveel werk dit genereert, wat andere stakeholders hieraan bijdragen en wat dit oplevert aan kwaliteit voor de samenleving in Hoensbroek.
Prestatieafspraken gemeenten – woningcorporaties
In opdracht van diverse gemeenten en corporaties heeft BMC het proces begeleid om te komen tot prestatieafspraken. Door te bouwen aan wederzijds vertrouwen is draagvlak ontstaan voor zowel de samenwerking als de inhoud van de afspraken. Onze adviseurs begeleiden het gehele traject van gezamenlijke visievorming tot en met prestatieafspraken en ondersteunen op deelaspecten. Creativiteit en inspiratie, creeren en beslissen, zijn leidend in onze aanpak.
Samenbindende regierol in krachtwijken
In opdracht van een G4-gemeente en meerdere woningcorporaties levert BMC de projectleider die handen en voeten geeft aan afspraken met de minister van Wonen, Wijken en Integratie. BMC combineert in deze opdracht tal van deskundigheden op het gebied van ruimte en wonen, maatschappelijke ontwikkeling, zorg en onderwijs.
Brainport
In de regio Eindhoven is een initiatief ontstaan waarin bedrijfsleven, onderwijs- en kennisinstellingen en de overheid een impuls willen geven aan het klimaat voor vestiging en innovatie op het gebied van de automotive. De ambitie is om een bestaand cluster van bedrijven op een bestaand bedrijventerrein te benutten voor een vliegende start en dit verder uit te bouwen en hiervoor het bedrijventerrein ook verder uit te breiden. BMC geeft leiding aan het opstellen van een gebiedsvisie, de ontwikkelstrategie, de samenwerking tussen publieke en private partijen en de juridische verankering.
Klantcontactcentrum (KCC)
In een grote gemeente (100.000 inwoners) is de implementatie van de Wabo aangegrepen om een Klantcontactcentrum op te richten. Een fysiek en digitaal loket is ingericht en de organisatie is zodanig aangepast dat niet het proces van vergunningverlening, toezicht en handhaving centraal staat, maar de klant. Op 1 september 2008 is de nieuwe werkwijze gestart. De gemeente is zowel qua nieuwe wetgeving als qua dienstverlening nu al klaar voor de toekomst.
Programmamanagement Klimaat
Voor een provincie voert BMC het programmamanagement voor de beleidsprioriteit 'klimaat'. De rollen en mogelijkheden van de provincie zijn geformuleerd. Dit heeft tot een door de provinciale politiek vastgestelde aanpak geleid. Hieruit is een concreet uitvoeringsprogramma afgeleid, dat momenteel wordt uitgevoerd.
Advies duurzaamheid goederenvervoer
Begeleiding en uitvoering van het innovatieprogramma Duurzame Logistiek van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat. Dit programma heeft een looptijd van vier jaar en zal naast een advies aan de minister over vervoersmanagement en goederenvervoer initiatieven 'van onderop' en het opzetten van pilots omvatten. In het advies zal centraal staan het streven om zonder extra regelgeving de duurzaamheid van het goederenvervoer te bevorderen en gelijktijdig een bijdrage te leveren aan de doelstellingen van de betrokken bedrijven.
Integriteit laten leven
Een publieke organisatie wil nadrukkelijk aandacht besteden aan integriteit. Codes, regels en normen vindt de directie weliswaar belangrijk, maar deze zorgen er niet voor dat integriteit in de organisatie een bespreekbaar onderwerp wordt. Daarom wordt in samenwerking met BMC een reeks dilemmatrainingen gehouden waaraan alle medewerkers en leidinggevenden deelnemen. Omdat de trainingen uitmonden in gezamenlijke gedragslijnen, ontstaat langzamerhand een brede consensus over wat passend gedrag is in de moeilijke situaties waar men zich regelmatig voor gesteld ziet.
Handhavingsinstrumentarium
Voor een landelijke koepelorganisatie heeft BMC in 2008 de voor- en nadelen van het invoeren van nieuwe handhavingsinstrumenten op een rijtje gezet. De bestuurlijke boeten en de bestuurlijke strafbeschikking worden per 1 januari 2010 toegevoegd aan al bestaand bestuurlijk handhavingsinstrumentarium. Tegelijkertijd concentreren politie en justitie zich meer en meer op (middel)zware criminaliteit. Nieuwe instrumenten, maar ook nieuwe taken! BMC heeft het proces gefaciliteerd met het maken van een inventarisatie van nieuw en bestaand instrumentarium en het faciliteren van het proces dat geleid heeft tot een bestuurlijke standpuntbepaling dat als uitgangspunt dient voor de onderhandelingen met het Ministerie van Justitie over de toepassing van de nieuwe instrumenten en de voorwaarden waaronder.
Wabo
De invoering van de Wabo (Omgevingsvergunning) en de vorming van Uitvoeringsorganisaties (Omgevingsdiensten) zal de komende jaren haar beslag krijgen. BMC adviseert bestuur en directie van een landelijke koepelorganisatie bij het voeren van de onderhandelingen met het Rijk en andere overheden. Strategische keuzes moeten nu gemaakt worden en deze hebben grote consequenties in de komende jaren. Maar ook meer praktisch ondersteunt BMC gemeenten en provincies bij de invoer van de Wabo, het implementeren van dienstverleningsconcepten en het opleiden van medewerkers op deze terreinen.
Ontwikkeling Kansenkaart woningcorporaties
In opdracht van vier woningcorporaties heeft BMC in 2008 het verzoek gekregen een Kansenkaart te ontwikkelen voor de toekomst van een multifunctionele gemeente in Noord-Holland. Na ruim veertig jaar regionaal overleg heeft BMC binnen een paar maanden gezorgd voor draagvlak bij de beslissers van overheden (lokale gemeenten, provincie, regionale milieudienst, havendienst), woningcorporaties, bedrijfsleven (de grote - multinationale - bedrijven in Noord) en Kamer van Koophandel. De Kansenkaart biedt een integrale en samenhangende visie, waarbij functies als wonen, groen, mobiliteit en werken elkaar versterken. Een 'industrielandschaft' op Nederlandse schaal en nog niet eerder vertoond. De vier initiatiefnemers hebben, in samenwerking met alle betrokken partijen en met ondersteuning van BMC, een uitvoeringsstrategie bepaald als vervolg op de Kansenkaart.
Nieuwbouwopgave Sporthogeschool
BMC heeft in opdracht van een grote gemeente (sector Sport) een haalbaarheidsonderzoek naar de vestiging van een Sporthogeschool verricht. In vervolg daarop is, ondersteund door BMC, een voorstel aan de hogeschool gedaan. Dit heeft geleid tot de keuze van de hogeschool om de Sporthogeschool in deze gemeente te vestigen. BMC geeft leiding aan het projectteam dat verantwoordelijk is voor de totstandkoming van de overeenkomsten, de planvorming van de nieuwbouwopgave van een onderwijs- en sportaccommodatie (incl. Europese aanbesteding), de planvorming voor een sportlandgoed en de financiële haalbaarheid (incl. subsidieaanvragen).
Ruimtelijke kwaliteitsprijs Noord-Holland
In 2008/2009 heeft BMC het voortouw genomen mee te doen aan een prijsvraag, uitgeschreven door de provincie Noord-Holland. Met de creatieve ontwerpen uit de prijsvraag heeft de provincie haar structuurvisie van frisse en spraakmakende initiatieven voorzien. BMC heeft een ontwerpteam geformeerd, bestaande uit een groot stedebouwkundig en landschapsarchitectenbureau, een multinationaal opererend duurzaam energiebedrijf, een universitaire faculteit Bouwkunde, projectontwikkelaars, gemeenten, vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven, financiele instellingen en een zorgadviesbureau.
In een aantal inspirerende workshops is een droomplan met als titel 'Amsterdam aan Zee' ontstaan, dat ambitieus en vernieuwend is en dat mede uitvoering geeft aan onder andere de rijksnota Randstad 2040. De jury van de provincie is enthousiast over het schaalniveau en de kwaliteit van het ontwerp en gaat er verder mee aan de slag. Uiteindelijk is het breedgedragen ontwerp doorgedrongen tot de laatste 14 genomineerden (van in totaal 64 inzendingen).
Interim-directeur/bestuurder van een middelgrote woningcorporatie
Deze corporatie raakte eind 2006/begin 2007 landelijk in het nieuws doordat de raad van toezicht haar voorzitter tot directeur/bestuurder had benoemd. Dit leidde tot juridische procedures tussen de RvT enerzijds en de Huurdersraad en Ondernemingsraad anderzijds. Aedes schortte het lidmaatschap van de corporatie op; er kwam een uitspraak van de Aedes Codecommissie en de Minister van WWI stelde een externe toezichthouder aan. Op basis van zijn advies besloot de minister om de corporatie een aantal beslissingen te laten nemen, waaronder het ontslag en afscheid van de nieuwbenoemde bestuurder en aanstelling van een interim-manager. BMC leverde de interim-manager die orde en rust zou brengen in de organisatie en naar nieuwe samenwerking zou zoeken met de belanghebbenden. In tien maanden tijd zijn alle doelen ruimschoots behaald, met de complimenten van personeel, huurdersraad, gemeente, collega-corporaties, WWI, Aedes, Waarborgfonds en Centraal Fonds.
Interim-directeur/bestuurder van De Rotterdam B.V.
De Rotterdam B.V. is de exploitatiemaatschappij van het gelijknamige schip van Wooncorporatie Woonbron. Doel van deze maatschappij is ervoor te zorgen dat het in het schip geïnvesteerde vermogen zo veel mogelijk wordt terugverdiend, met behoud van de maatschappelijke doelstellingen (leer- en werktrajecten voor scholieren en studenten, opleving van Katendrecht). In juli 2008 verstrekte Woonbron een opdracht tot interim-manager. BMC mocht deze functie invullen. Inmiddels zijn nagenoeg alle contracten met leveranciers en exploitanten getekend. Onlangs is een vaste directeur aangetrokken en de pioniersorganisatie wordt omgebouwd tot een echt bedrijf, dat de exploitatie ter hand kan nemen. Samen met enkele collega’s wordt nu de op 27 juli geplande opening voorbereid.
Bijdrage Amvb Ruimte
De Wro biedt het Rijk de mogelijkheid om door middel van ‘algemene regels' nationale belangen juridisch te borgen. In de Amvb Ruimte maakt het Ministerie van VROM voor het eerst gebruik van dit nieuwe instrument om dertien belangen te verankeren. Dit geschiedt door regels rechtstreeks te laten doorwerken richting bestemmingsplannen, al dan niet via uitwerking door provincies in verordeningen. Onderwerpen die zijn opgenomen in de Amvb zijn onder ander EHS, Nationale Landschappen, Bundeling van verstedelijking, het Kustfundament en Rijksbufferzone's. De totstandkoming van de Amvb geschiedt in nauwe samenwerking met zes departementen en in samenspraak met VNG, IPO, UvW en maatschappelijke organisaties. Door de betrokkenheid van al deze partijen is sprake van een complex en politiek gevoelig proces. BMC heeft door middel van een workshop waarin de doorwerking richting gemeenten is onderzocht een bijdrage geleverd aan dit proces. Daarnaast maakt een adviseur van BMC deel uit van het VROM-team dat de Amvb Ruimte opstelt.
Wilt u meer informatie?
Bel 033 - 496 52 00
of mail naar info@bmc.nl
Klik hier voor het contactformulier